• An Image Slideshow
  • An Image Slideshow
  • An Image Slideshow

Rijbewijs vanaf 17 jaar

Vanaf 1 november 2011 is de proef met begeleid rijden voor aspirant-automobilisten van start gegaan. 

Tijdens de proef mogen jongeren vanaf 16 jaar een theorie-examen afleggen. Vanaf 16,5 jaar mogen zij een rijopleiding volgen.

Leeftijdscriteria:

- Jongeren die op of na de ingangsdatum van het begeleid rijden 17 jaar worden, kunnen een praktijkexamen afleggen. Als een jongere op de ingangsdatum al 17 jaar is, kan hij dus geen praktijkexamen doen in het kader van de proef. Dit kan dan pas vanaf de leeftijd van 18 jaar.
- Tijdens de proef begeleid rijden kunnen jongeren vanaf 16 jaar een theorie-examen afleggen.
- Tijdens de proef begeleid rijden kunnen jongeren vanaf 16,5 jaar een rijopleiding volgen.

Na het slagen voor het praktijkexamen mogen de jongeren tot hun achttiende alleen maar auto rijden met een begeleider naast zich. Die begeleider moet op hun begeleiderspas staan. Voor deze pas mogen ze maximaal vijf personen opgeven, die aan een aantal eisen moeten voldoen. De proef met begeleid rijden gaat zes jaar duren.

Let op:
Wanneer je als 17-jarige alleen in de auto wordt betrapt, dan wordt meteen je volledige rijbewijs ingenomen en mag je pas na je 18e weer opnieuw je rijbewijs gaan halen, inclusief theorie en praktijkexamen!

Eisen voor de begeleider(s):

- Minimaal 5 jaar rijbewijs B in bezit hebben
- Ouder zijn dan 27 jaar
- Geen zware verkeersdelicten hebben begaan.
- Nooit in een vorderingsprocedure terecht zijn gekomen
- Niet onder invloed zijn van drugs, alcohol of medicijnen.
- Zich tijdens de begeleiding altijd kunnen legitimeren.


Theorie

Voordat je praktijkexamen mag doen moet je eerst je theoriecertificaat halen, het theoriecertificaat B is 1,5 jaar geldig en is niet overdraagbaar.

Met behulp van een theorieboek en/of cd-rom en een persoonlijke uitleg wordt je wegwijs gemaakt met de theorie.

Ook bestaat de mogelijkheid om je thuis voor te bereiden op je theorie-examen. Je kunt hiervoor de benodigde boeken en/of cd-rom op de rijschool verkrijgen.

Het theorie-examen wordt bij het CBR afgenomen. Het theorie-examen bestaat uit 65 vragen.

Je slaagt voor het theorie-examen als:

je 12 vragen goed hebt (van de 25) van het onderdeel gevaarherkenning en;
je 35 vragen goed hebt (van de 40) van de onderdelen verkeersregels en verkeersinzicht.

Tussen Tijdse Toets

De TussenTijdseToets word afgelegd als je ongeveer op driekwart van je opleiding bent. De toets verloopt als een echt examen(proefexamen) om alvast te kunnen wennen aan het rij-examen.
De toets wordt ook gebruikt om te kijken welke aandachtspuntjes er nog zijn.

Een examinator van het CBR beoordeeld na de toets hoe het met je rijvaardigheid gesteld is. Hij neemt alle examenoefeningen onder de loep en toetst volgens de officiële exameneisen.

Je instructeur rijd natuurlijk ook mee.
Als je voldoende scoort op het onderdeel bijzondere verrichtingen, dan krijg je daarvoor vrijstelling op het 1e examen.

(Vernieuwd) Praktijkexamen

Het praktijkexamen word afgenomen door een examinator van het CBR, deze beoordeeld je op je rijvaardigheid. Op onderstaande punten word gelet bij het vernieuwde praktijk examen:

Zelfstandig route rijden:
Een kandidaat rijdt een deel van de examenrit zonder aanwijzingen van de examinator. Het ‘zelfstandig route rijden’ kan op drie manieren worden uitgevoerd:

- naar een vast en bekend coordinatiepunt rijden;
- meerdere routeopdrachten tegelijk (clusteropdracht);
- met behulp van een navigatiesysteem.

De examinator bepaalt vooraf hoe de kandidaat het onderdeel ‘zelfstandig rijden’ moet uitvoeren. Dit meldt hij de kandidaat aan het begin van de examenrit. Het zelfstandig rijden zal minimaal tien tot maximaal vijftien minuten van het examen in beslag nemen. De totale examentijd blijft hetzelfde. Het bereiken van het juiste eindpunt is overigens geen doel op zich, wel de wijze waarop de kandidaat zijn verkeerstaak uitvoert.

Clusteropdracht:

De clusteropdracht betreft een gedeelte van de route. Deze opdracht is altijd beperkt in lengte en zal één of meerdere keren herhaald worden om te checken of de kandidaat het begrepen heeft. Het is een nabootsing van de situatie waarin de bestuurder de weg vraagt aan een voorbijganger en vervolgens krijgt uitgelegd hoe hij naar de gevraagde locatie moet komen. De reeks van routeopdrachten zal bestaan uit minimaal drie en maximaal vijf opdrachten.

Navigatiesysteem:

Het rijden met een navigatiesysteem is vanaf 1 september 2011 verplicht. Het kan in principe op ieder moment in het examen worden toegepast. Het blijkt ook voor anderstalige kandidaten een oplossing te zijn, omdat navigatie meestal in verschillende talen is in te stellen.